De Nationale Tuinvogeltelling is een leuke én nuttige traditie. Ook dit jaar kunt u weer meedoen door de vogels rond uw huis te tellen. Telt u mee op 30, 31 januari of 1 februari?
Vogelbescherming Nederland organiseert de jaarlijkse telling al sinds 2003. Door steeds de resultaten met die van voorgaande jaren te vergelijken weten de vogelonderzoekers hoe vogels in de winter onze tuinen gebruiken. Met die informatie kunnen we samen vogels beter helpen en beschermen.
Meedoen met de Tuinvogeltelling
Het is simpel: u telt op vrijdag 30, zaterdag 31 januari of zondag 1 februari één keer gedurende een half uur de vogels die in uw tuin of op uw balkon komen. Bij de één zijn dat drie vogels, bij een ander misschien wel 30 of 40. Uw telling geeft u door aan Vogelbescherming Nederland, dat is het. ‘Zo gepiept’, om in vogeltaal te spreken.
Op tuinvogeltelling.nl leest u verder precies hoe het werkt. Daar vindt u ook de app waarmee u, via een smartphone, uw aantallen doorgeeft. Bovendien staan er duidelijke tekeningen en beschrijvingen van de meest voorkomende soorten tuinvogels; zo kunt u even checken of u de juiste vogel noteert.
De huismus op één
Al meerdere jaren staat de huismus op nummer één. (In 2025 bijvoorbeeld werd de huismus 253.425 keer geteld.) Goed nieuws voor deze mus, hoewel het toch wel zorgelijk is dat het aantal huismussen – en dat van veel andere tuinvogels – jaarlijks daalt. Juist die daling is een reden om mee te doen aan de Tuinvogeltelling. Mogelijk kunnen we maatregelen nemen om te zorgen dat de aantallen tuinvogels de komende jaren weer een stijgende lijn gaan vertonen.
Top 10 vogels in 2025
Kort na 1 februari zullen de resultaten van de telling bekend worden gemaakt. Wat was vorig jaar de top 10 van meeste getelde tuinvogels?
Huismus (253.425)
Koolmees (179.923)
Pimpelmees (122.880)
Kauw (103.924)
Merel (91.978)
Vink (85.305)
Houtduif (71.783)
Ekster (69.165)
Turkse tortel (60.352)
Roodborst (55.469)
In januari 2025 deden 105.721 mensen vanuit hun huiskamer mee aan de Tuinvogeltelling. Samen telden zijn in totaal 1.412.062 vogels.
De kauw is de laatste jaren een stijger in de Tuinvogel-Top-10.
Tips voor tellers
In de ochtend zijn vogels actiever dan gedurende de rest van de dag. Dus is er ’s morgens veel te zien en heeft u het meest te tellen. Kopje thee of koffie erbij, een gemakkelijke stoel, de gordijnen zo ver mogelijk open, de wekker op dertig minuten… tellen maar!
Uw telling moet uiteindelijk digitaal worden doorgegeven (dat scheelt de onderzoekers veel werk en tijd). Maar voor uzelf kunt u natuurlijk rustig eerst met pen en papier de getelde vogels noteren.
Voor wie niet zo thuis is op een smartphone: geef de papieren lijst aan iemand die digitaal handiger is. Het is voor die persoon een paar minuutjes werk om uw lijst digitaal door te geven. Dat kan nog tot maandag 2 februari 12:00 uur.
Ná de telling
Na de Tuinvogeltelling kunt u natuurlijk aandacht blijven geven aan merel, mees, roodborst en al die andere bezoekers rond uw huis. Wat is in de wintermaanden goed voor tuinvogels?
Brood mag, in kruimels of kleine stukjes. Maar niet te veel, vanwege het zout.
Strooi dagelijks een kleine hoeveelheid op een (voeder)tafel of op de grond.
(Stukjes) appel en peer zijn prima.
Zaden, ongebrande pinda’s en dergelijke níet in een netje doen, daarin kunnen vogels verstrikt raken. Beter zijn de speciale silo’s die u makkelijk bijvult.
Meer tips, weetjes, interviews en programma-informatie leest u in MAX Magazine. Bent u nog geen abonnee? U kunt zich hier bij ons aansluiten.
Kees Loogman werkte als journalist en redacteur bij diverse tijdschriften. Hij was onder andere tien jaar hoofdredacteur van het natuurmagazine Grasduinen. Door zijn grote belangstelling voor cultuur, kunst en buitenactiviteiten stelt hij voor MAX Magazine met veel plezier de wekelijkse rubriek Eropuit! samen.
Door bezuinigingen dreigen buslijnen en haltes te verdwijnen. Voor ouderen, die vaak afhankelijk zijn van het openbaar vervoer voor zorg, boodschappen en sociale contacten, heeft dat grote gevolgen.
Ook zonder klimaatverandering verdwenen dorpen in zee
07 januari 2026
Als het water geen uitweg vindt, klotst het vroeg of laat te hard tegen kades en dijken. In het verleden ging het regelmatig mis. Dorpen verdwenen, soms in één nacht, soms langzaam, jaar na jaar.