In de lange geschiedenis van de Tour de France die teruggaat tot 1903, zijn er nog altijd maar twee Nederlanders die ooit het eindklassement wonnen: Jan Janssen in 1968 en Joop Zoetemelk in 1980. Ondanks hun respectabele leeftijden van respectievelijk 86 en 79 jaar zijn het allebei nog krasse knarren. Ze volgen het wielrennen op de voet en in het bijzonder de Tour de France.
Zo half juni begint het een beetje te kriebelen en komt de Tour-koorts weer opzetten”, zegt Jan Janssen in zijn woonkamer in het Belgische grensdorp Putte-Kapellen. “Dan krijg je de laatste voorbereidingswedstrijden en moeten de renners met de billen bloot. Maar we moeten eerlijk zijn en vaststellen dat er maar één favoriet is die er met kop en schouders bovenuit steekt en dat is natuurlijk Tadej Pogačar. Ik zat van de week nog te mijmeren hoe je het zou moeten aanpakken om hem te verslaan. Dat kan alleen maar als het hele peloton tegen hem rijdt. En dat krijg je natuurlijk nooit voor elkaar. Maar de Tour duurt drie weken. En in die lange weken kan er steeds van alles gebeuren.”
Niet naar Barcelona
De geboren Nootdorper heeft een uitnodiging van de Tour-organisatie ontvangen voor de Grand Départ. Logisch, want na het overlijden van Federico Bahamontes in 2023 is hij de oudst levende Tour-winnaar. Toch heeft Janssen besloten niet naar Barcelona af te reizen, met pijn in het hart. “Het gaat goed met mij en ik ben gezond, maar ik heb soms weleens last van een kleine evenwichtsstoornis. Zo’n reisje en zo veel mensen om je heen is toch intensief en vermoeiend. Het allerbeste kijk je wielrennen toch thuis, voor de televisie.”
Jonas Vingegaard
Zo stellig over Pogačar als zijn kameraad en oud-collega is Joop Zoetemelk niet. “We moeten eerst maar eens zien wie er allemaal gezond en in topvorm aan de start komen”, vindt de oud-kampioen, die al meer dan de helft van zijn leven nabij Parijs in Germigny-l’Évêque woont. “Pogačar heeft een prachtig voorjaar gehad en beschikt met UAE over een heel sterke ploeg. Maar dat geldt natuurlijk ook voor Jonas Vingegaard met Visma.” Net als Janssen kijkt Zoetemelk de Tour bij voorkeur op televisie, al denkt hij erover vrienden in de Alpen te bezoeken en dan een paar etappes mee te pikken. “Voor de bergetappes ga ik echt goed zitten, maar voor de vlakke etappes, die meestal in een massasprint eindigen, kan ik dat geduld niet opbrengen. Ik ben thuis veel in de tuin bezig. Binnen zet ik meestal om een uurtje of twaalf de televisie aan. Als ik dan zie dat er nog 160 kilometer te gaan is, kan ik precies uitrekenen wanneer de finale van de etappe is.”
Tekst en foto’s: Jeroen Mantel.
Dit en meer leest u in MAX Magazine 27. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.