Dé gids voor radio, televisie en plezierig leven
Abonnementen service: 035 - 2019505

Nico (77) viert het leven in een echte cockpit: ‘Ik had al dood moeten zijn’

De deur van de ‘hangar’ van Nico Weesjes (77) in Kamerik staat op een kier als passagier MAX arriveert. “Neem nog even plaats, want we hebben een kleine vertraging”, verontschuldigt hij zich. Intussen werkt hij geduldig verder aan het verwisselen van twee grafi sche kaarten: “Anders kan ik de machine niet opstarten”.

De ‘machine’ is de cockpit van een Boeing 737-800, die Nico eigenhandig op ware grootte heeft nagebouwd in zijn garage. Onder andere van MDF en triplex, tot op de millimeter nauwkeurig. Wel iets anders dan een vliegsimulator met twee beeldschermen op een bureaublad. Zijn opleiding tot scheepsbeschieter (timmerman, red.) verloochent zich niet. Eerder bouwde hij een houten jacht en daarna een compleet pijporgel, van blaasbalg tot klavier. Toen dat af was, was het tijd voor iets nieuws: een vliegsimulator. Zo kon hij de vliegervaring die hij ooit had opgedaan in de kleine luchtvaart op de computer weer in de praktijk brengen. Dat is met het nabouwen van de cockpit van een verkeersvliegtuig een beetje uit de hand gelopen. Ook de software is iets gecompliceerder en duurder dan bij een simpel computerspelletje. Nico: “Ik kan nou eenmaal niet stilzitten en wil altijd bezig zijn met mijn handen. Voor het slapengaan bereid ik altijd de volgende dag voor. Want zo lang ik niet dood ben, ga ik door met leven. En dat lukt me buitengewoon.”

Nog anderhalf jaar te leven
Geen verkeerd motto voor een man die in 2003 van de doktoren te horen kreeg dat hij nog anderhalf jaar te leven had. De ziekte van Kahler had stevig grip op hem gekregen. ‘Genezen zat er absoluut niet in, rekken wel’, kreeg hij als boodschap mee. Nico: “Het was een vreselijke periode. Mensen overleden toen niet aan Kahler, maar aan de behandeling ervan. Twee stamceltransplantaties hielpen me niet. Ik kreeg heftige afstotingsverschijnselen, zo verdween al het vel van mijn handen en voeten. Ik kon nauwelijks meer lopen.” De artsen stonden voor een dilemma, want alle behandelingen ten spijt bleef zijn lichaam protesteren. Ten einde raad werd een middel toegediend dat min of meer tegenstrijdig was met de gangbare medicatie.

‘Alles wat de doktoren verboden hebben’
“Als bij een godswonder knapte ik op”, vertelt Nico nu bijna vijftien jaar later, in een ogenschijnlijk goede conditie. “Ach, ik heb intussen wel van alles gehad hoor.” Hij kent de cijfers uit zijn hoofd: “In de laatste achttien jaar lag ik acht keer in een ambulance, ben 269 keer naar het ziekenhuis geweest en heb 33 verschillende artsen aan mijn bed gezien. De enige plek waar ik daar nog niet heb gelegen is de kraamafdeling. Eigenlijk doe ik tegenwoordig alles wat de dokteren me verboden hebben en dat is mijn redding geworden.” Nico plaatst de nieuwe onderdelen in één van de cockpit-servers en kruipt, gekleed in vliegersuniform, achter de stuurknuppel. Hij voelt zich in zijn element; het doet hem een hoop ongemak vergeten.

We hangen op 5.000 meter hoogte
Vanaf de stoel van de copiloot hebben we een levensecht zicht op het stationsgebouw en andere geparkeerde vliegtuigen. Nico geeft een briefing over wat er te gebeuren staat. Hij heeft gekozen voor Edinburgh Airport. Met de checklist in de hand worden de motoren gestart. De verkeerstoren geeft toestemming om te vertrekken. De cockpit begint, met behulp van een butt kicker en een paar sloopveren van een Opel Corsa eronder, licht te trillen. Even later ‘hangen’ we virtueel op 5.000 meter hoogte. De pauzeknop wordt ingedrukt en het Schotse landschap onder ons verstilt. Nico vertelt honderduit: “Ik ben in 2009 begonnen met de cockpit van een Fokker F28, een paar doorgezaagde oude pc’s en wat tweedehands beamers. Maar die heb ik al snel verruild voor de cockpit van een ‘737’. Alles is een exacte kopie van de werkelijkheid en ook de functies achter de instrumenten kloppen. Door de voorruit kunnen naar wens 24.000 vliegvelden en nog meer landschappen worden geprojecteerd op een halfronde wand van 7,5 meter breed. Nico: “Ik ben er elke dag mee bezig, want er is altijd wel wat. Soms lijkt het net een echt vliegtuig. De arbeid is niet in uren uit te drukken, wel in jaren. En dan te weten dat je tegenwoordig zo’n ding kant en klaar kan kopen. Voor meer dan een ton, dat dan wel.”

Het gaat zelfs regenen
De pauze zit erop en Nico zet de daling in. Voor ons ligt baan 06 te schitteren in de zon. Geen wolkje aan de lucht of toch? “Kwestie van een druk op de knop”, grapt Nico. De turbulentie neemt toe, het begint zelfs te regenen, maar de landing verloopt vlekkeloos. Als we geparkeerd staan aan de gate dankt hij de passagiers voor ‘fl ying with PH-NIC’ en drukt op het knopje waarmee hij de purser (zijn vrouw) kan oproepen. “Tijd voor koffi e, maar dan kunnen we lang wachten hoor. Want de enige die reageert is de hond, die denkt dat er iemand aan de deur is. Het belletje is namelijk onze oude deurbel.”

  Post & Mail

Wilt u reageren op de inhoud van MAX Magazine, een tv- of radioprogramma? Stuur dan een bericht naar MAX Magazine. De redactie maakt elke week een selectie en kort soms berichten in.

Reageren