Dé gids voor radio, televisie en plezierig leven
Abonnementen service: 035 - 2019505

Doorbreken met het levenslied: Hard werken en altijd echt zijn

Grote artiesten als Frans Bauer en Jan Smit trekken al hun hele leven langs feesttenten, sporthallen en grote concertzalen om hun publiek te bedienen. Maar ook zij zijn vaak in kleine zaaltjes begonnen. Hoe breek je door als zanger? Wij vroegen het aan de zangers en mensen achter de schermen.

 

Frans Duijts weet nog goed hoe hij in 2005 geen platenmaatschappij kon vinden. Pas in 2007 ging hij in zee met producent Captain Rob nadat hij zijn eerste platen in eigen beheer uitgaf. Zijn grote doorbraak beleefde hij in 2008 met ‘Jij denkt maar dat je alles mag van mij’ na een optreden in het populaire ‘De Zomer Voorbij’, de veelbekeken soap van Jan Smit. In het programma werd hij echt gelanceerd door Smit en Duijts is dan ook redelijk uitgesproken als we hem vragen naar ‘het geheim’ van een doorbraak. “Het gaat er als eerste om dat de mensen in de industrie – de managers, mensen bij radiostations en collega-artiesten – het jou gunnen. Dat gunnen zien dat het allemaal oprecht is en dat je keihard werkt om een loopbaan op te bouwen. Je moet geen rol spelen voor het grote publiek. Als je dan ook nog een goed nummer hebt, dan komt het helemaal goed.”

BEETJE ECHT, BEETJE BEDACHT
Riny Schreyenberg, voormalig producer en manager van Frans Bauer, is eigenaar van mediabedrijf De Media Boys. Hij verkocht met zijn platenmaatschappijen naar eigen zeggen tien miljoen platen van Frans Bauer en had vijftig keer een volle Ahoy. Schreyenberg: “Als wij een artiest hadden uit Eindhoven, dan heeft weer alles te maken met echtheid, iedereen moet belden we zelf het ‘Eindhovens Dagblad’ voor een interview. En ja, de bijgeleverde biografi e was dan een beetje bedacht en een beetje waar, maar ‘t was altijd een leuk verhaal.” Belangrijk is ook dat liedje, artiest en publiek bij elkaar moeten passen. “Ik weet nog goed dat er een concert was van Frans en daar zat een meisje in een invalidewagen met een beer in haar armen. Frans gaf haar een kus op haar voorhoofd en nam de beer in ontvangst.” Na afl oop van het concert liep Riny even naar haar toe om te vragen waarom ze Frans een beer had gegeven. “Ze zei: ‘Frans is ook een lief beertje’ en de volgende dag bestelden we duizenden kleine beertjes met een T-shirt van Frans. Als Frans in de ogen van het publiek een lief beertje is, dan moet je daarop inspelen, zo werkt dat altijd.”

ZELF JE IMAGO OPBOUWEN
Is er veel veranderd met de komst van YouTube en Spotify, vragen we aan diskjockey Daniel Dekker die al zijn hele werkende leven betrokken is bij het Nederlandstalige lied. Jarenlang deed hij dat bij AvroTros, tot hij vorig jaar overstapte naar Omroep MAX waar hij een dagelijks radioprogramma heeft (‘Lunch lekker met Daniel Dekker’). “Het voordeel van deze tijd is dat je de mogelijkheid hebt als artiest om het heft in eigen hand te nemen. Je kunt via social media zelf een imago opbouwen, via YouTube eigen video’s maken en zelf jouw nummers uitbrengen op Spotify. Dat maakt je als artiest veel minder afhankelijk van anderen; terwijl je vroeger een of twee routes had om door te breken, zijn er nu veel meer opties.”

IN 20 MINUTEN EEN HIT
Je kan dus zomaar doorbreken door een eigen productie. “Wat ik vooral belangrijk vind, is dat je lekker jezelf moet blijven”, zegt Mart Hoogkamer. De 23-jarige zanger uit Leiden scoort op dit moment een megahit met ‘Ik ga zwemmen’. Mart: “Op een dag waren we aan het zwemmen, de koelkast staat open en ik zie daar een fl es Bacardi Lemon staan waarna ik direct begin te zingen: ‘Ik ga zwemmen in Bacardi Lemon.’ Mijn manager hoort dat en zingt: ‘Een echte tijger is niet te temmen’, waarna ik zeg: ‘We hebben een hit te pakken.’ Binnen twintig minuten hadden we een liedje.” Hetzelfde gebeurde met zijn grote doorbraak een jaar geleden. Hij ging op vakantie omdat vanwege corona de optredens waren gecanceld. “Ik hou nu eenmaal van muziek en zing het liefste de hele dag. Toevallig was mijn neef op het strand aan het fi lmen en hij stuurde het naar mijn manager die het op Facebook plaatste. Binnen een kwartier was het anderhalf miljoen keer bekeken en de rest is geschiedenis. Ik heb meegedaan aan ‘Holland Got’s Talent’ en ‘Topper Gezocht’, maar uiteindelijk werkte die video het beste.” Frans Duijts, die zelf met rapper Donnie een tophit scoorde (genaamd ‘Frans Duits’), vindt het verhaal van Hoogkamer het bewijs van zijn stelling dat het vooral gaat om de gunfactor en om oprecht zijn. “Als Mart zo’n video zou regisseren, had het niet gewerkt. Het gaat erom dat hij altijd met zingen bezig is en dat oprechte zien mensen in de industrie terug waardoor ze het hem gunnen. Mooi gedaan.”

HITS BUITEN DE OMROEP
Eddie Mensink is de organisator van het Mega Piraten Festijn, feestavonden door het hele land waar grote en kleine artiesten het levenslied zingen. De hoop is dat er vanaf oktober weer wordt opgestart. Optreden in de kleine zalen, een goede YouTubeclip maken, RadioNL bestoken met jouw nieuwe plaat en de inzet van eigen social mediakanalen. Zo werkt het bouwen aan de nieuwe helden, vindt Mensink. Op die manier drijven hits naar boven als ‘Liever te dik in de kist’ van Stef Ekkel en René Kast zonder ooit gedraaid te zijn door de grote publieke of commerciële radiozenders. Mensink: “Hilversum zit al jaren op slot. Er gebeurt daar niets. De mensen die daar de baas zijn, weten niet wat er in Nederland speelt. Wij helpen de kleinere artiesten door ze tijdens de feestavonden tussen de grote sterren te programmeren.”

AUTOMONTEURS EN METSELAARS
Nico Silvius is de oprichter van het al aangehaalde RadioNL dat wekelijks rond de 300.000 luisteraars trekt en een marktaandeel van één procent heeft. “Het publiek voor het levenslied wordt alleen maar groter. Wij bestaan als radiostation nu zeventien jaar en je ziet dat vooral het werkende volk – automonteurs, chauff eurs en metselaars – in grote aantallen luistert.” Silvius denkt dat de tv-wereld ook nog wel een bijdrage zou kunnen leveren aan het grootmaken van artiesten. “Ik vond het SBS-programma ‘Ik geloof in mij’ echt denigrerend voor ons vak.” Erik de Zwart, van 1981 tot 1983 en van 1986 tot 1990 presentator van ‘Nederland Muziekland’ op tv, gelooft wel in een nieuw tv- programma. “Waarom zou je ‘Nederland Muziekland’ niet terug laten komen? Dat zouden de kijkers van Omroep Max toch geweldig vinden? Ik denk dat je dan echt moet focussen op het Nederlandse product in de breedte; eerst Suzan & Freek, dan Frans Duijts en daarna Kriss Kross Amsterdam. Bij ons kwamen destijds ook Doe Maar en André Hazes langs, dat werkte prima. Wist je trouwens dat die tent van toen nu wordt gebruikt voor de Muziekfeesten… van de TROS nota bene…’’

PRATEN MET JAN SLAGTER
Een topprogramma van Omroep MAX rond het levenslied om de cultuur te ondersteunen: ook Daniel Dekker vindt dat wel een goed idee. “Daarover heb ik zeker gesprekken met Jan Slagter, maar dan moet je wel met iets goeds komen. Ik denk dat het heel belangrijk is om wat te doen voor de jonge Nederlandse talenten, want die komen bij andere programma’s minder aan bod. Ik geloof ook heel erg in het samenvoegen van het Nederlandse product als geheel; pop, het levenslied en rap. Dat onderscheid is toch heel kunstmatig? Je kan toch prima naar een concert van Boef gaan en als je naar de kroeg gaat naar Mart Hoogkamer luisteren? Het gaat prima met het Nederlandse product en daar mogen we best wat trotser op zijn.”

  Post & Mail

Wilt u reageren op de inhoud van MAX Magazine, een tv- of radioprogramma? Stuur dan een bericht naar MAX Magazine. De redactie maakt elke week een selectie en kort soms berichten in.

Reageren