Dé gids voor radio, televisie en plezierig leven
Abonnementen service: 085 - 888 1881

‘Muziek is een medicijn’

Piet Aarsen (75) besloot dertig jaar geleden iets te gaan doen met zijn liefde voor muziek. Sindsdien treedt hij als zanger op in de Brabantse regio. Zijn maat Nico (72) vergezelt hem om de geluidsapparatuur te sjouwen.

In een achterkamertje dat uitzicht biedt op de tuin, zingt Piet luid en met een indrukwekkende galm: “Ik kijk in je mooie, blauwe ogen. We zitten samen op de boulevard!” ’s Zomers als hij het raam open heeft staan, kunnen ze het aan het einde van de Middelstraat in Ossendrecht nog horen. “Gelukkig vinden de buren het niet erg. Laatst waren in de straat een paar werklieden bezig. ‘Doorgaan, doorgaan’, riepen ze. ‘Oerend Hard’ van Normaal vonden ze prachtig. Als ze zo enthousiast zijn, groei ik echt”, lacht Piet. Zijn beste maat Nico (72) kijkt trots toe als Piet een ander Nederlandstalig nummer inzet. “Dit is toch mooie muziek voor de doorsnee mens?”, zegt hij met een wijds armgebaar. “Biertje erbij. Meer heb je niet nodig. Als de mensen dít niet leuk vinden, weet ik het ook niet.”

In een opwelling
Impuls is de naam waaronder Piet sinds dertig jaar zijn optredens verzorgt. Hoe hij daarop kwam, weet hij niet meer, maar dat het in een impuls gebeurde, is zeker. Hij werkte als monteur bij defensie en was in zijn vrije tijd druk met auto’s spuiten. Secuur voorzag hij de carrosserie van fraaie afbeeldingen. “Maar op een gegeven moment werd het tijd voor een nieuwe hobby. Muziek! In een opwelling haalde ik mijn keyboard tevoorschijn.” Samen met Nico speelde hij in een amusementsband. Hij als toetsenist, Nico als drummer. “Toen de band uiteenviel, ben ik alleen verder gegaan als zanger.”

Even op adem komen
Niet zo’n vreemde keuze als hij terugkijkt op het verleden. “Als ik op school aan de beurt was om te zingen, gingen alle tussendeuren open en werd het muisstil. Het klonk als een klok.” Nico knikt. In onvervalst Brabants: “Gij hedde ‘t toen al in zich.” Piet: “Ik deed er alleen niks mee. In die tijd had je alleen het kerkkoor, meer niet. Er was wel één probleempje; pianospelen en zingen tegelijk vond ik moeilijk. Ik deed alsof, maar kreeg vaak commentaar dat ik niet echt speelde. Mijn dochter, die in een rockband zingt, bracht me op het spoor van karaokenummers op YouTube. Die kan ik gewoon meezingen met de geluidsband. Tussendoor draai ik instrumentale muziek om even op adem te komen.”

‘We komen altijd te vroeg aan’
Piet en Nico trekken er geregeld samen op uit voor optredens op bruiloften, partijen, buurtfeesten, campings en in verzorgingstehuizen in de regio. “Nico gaat mee om de spullen te sjouwen. Tegenwoordig heb je licht spul, maar mijn geluidsapparatuur is loodzwaar”, vertelt Piet. De spullen worden vervoerd in een witte aanhangwagen met de naam Impuls erop. Dat torsen is aan de potige Nico met zijn reusachtige handen wel besteed. Soms zeult hij de apparatuur zelfs steile trappen op. “Het is zo gek; elke keer als we gaan opbouwen, moet Piet plassen. ‘Piet, heb je soms een blaasprobleem?’, vraag ik vaak. En als alles klaar is, hoeft hij niet meer”, grinnikt Nico. “We hebben onderweg veel lol en plagen elkaar graag”, verklaart hij. Vaak vertrekken de twee ’s morgens om op tijd te zijn. “Piet is dan erg zenuwachtig. We komen altijd veel te vroeg aan. Maar uiteindelijk is het echt ontspanning voor ons.” Een tijd lang had Piet hevige pijn in zijn rug. “Zodra ik ging zingen, was het weg. En als ik stopte, keerde de pijn terug. Muziek is dus écht mijn medicijn.”

‘Pa, zo spreek je dat niet uit’
Hij bladert in zijn mappen met songteksten. “Ik heb voor elk wat wils: Koos Alberts, Corry Konings, Frans Bauer. Tegenwoordig zing ik ook Engels. Countrymuziek, The Young Ones, The Beatles. Mijn kinderen lachen me soms uit om mijn Engels. ‘Pa, zo spreek je dat niet uit’, zeggen ze.”

Elke dag gaat Piet na het zes uur-journaal naar het achterkamertje om te zingen. Vier bijzondere poppen fungeren als toehoorders. Piet maakte ze zelf. “Het idee was om ze als een soort buikspreekpoppen te betrekken in mijn show, maar het sloeg helaas niet aan. Nu dienen ze als publiek.”

‘Zachter? Mooi niet!’
Piets vrouw Ria komt vrijwel nooit kijken naar zijn optredens. “Ik ben niet zo muzikaal,” lacht ze bescheiden. Wel zorgt ze soms voor een kritische noot als hij terugkeert uit de studeerkamer. “‘Dat klonk niet zo best, Piet’, zegt ze dan. Dat gaat meestal over nummers die ik nog aan het instuderen ben. Als ik ze eenmaal onder de knie heb, hoor ik: ‘Dat ging wel leuk hè!’”

“Kan het een beetje zachter?’, vragen mensen ook weleens aan Piet. “Dan doe ik alsof ik een schuifje omlaag trek, maar laat het volume gewoon hetzelfde. ‘Zo beter?’, vraag ik. Nee, hij gaat mooi niet zachter. In de disco staat de muziek ook hard en daar vinden ze het wel normaal.” Nico knikt: “Muziek hoort hard. Dat is mooi. En een beetje indrinken is ook goed voor de sfeer. Als de mensen wat op hebben, dansen ze eerder. ‘Zonder drank geen klank’, zeggen wij altijd.”

‘Muziek raakt de mensen echt’
Piet had vroeger zeker drie keer per week een optreden. “Die tijd is wel voorbij. Ik zal niet zeggen dat ik het druk heb, maar er komt wel steeds weer iets op mijn pad. Als ik in verzorgingscentra zing, merk ik dat mijn muziek de mensen echt raakt. ‘Mag ik met jullie mee?’, vroeg een vrouwtje een keer. Die mensen zijn soms nog jonger dan ik en toch kunnen ze niet meer lopen of zijn dement. De muziek brengt ze wat plezier. Potverdikkie, denk ik dan, wat ben ik blij en dankbaar dat ik gezond ben. Ik hoop dit nog lang te kunnen doen.”

  Post & Mail

Wilt u reageren op de inhoud van MAX Magazine, een tv- of radioprogramma? Stuur dan een bericht naar MAX Magazine. De redactie maakt elke week een selectie en kort soms berichten in.

Reageren